H. TEGEN WIE MOETEN CHRISTENEN VECHTEN?

Er heerst dus (zie inleiding) van af het paradijs een strijd, door God in zijn diepgaande liefde ingesteld opdat de mens kan worden verlost van de satan. Hij wekt de tot slavernij gebrachten op tot revolutie tegen hun dood en ondergang. Wij moeten die oorlog voeren uit kracht van het overwinnend lijden en sterven van onze Heiland en zijn opstanding uit de dood. Onwilligheid dit gevecht aan te gaan betekent dat wij blijven kiezen voor de overweldiger, de satan.
Deze strijd is allereerst tegen onszelf gericht. De heilige oorlog voor christenen is vechten tegen alles wat zich verzet tegen de wil van God. Dat is in de eerste plaats onze eigen oude natuur. Het verzet in ieder van ons tegen God is nog steeds heel groot. Dagelijkse bekering is beslist noodzakelijk. Het strijdmiddel om tegen onze oude natuur te vechten is goed luisteren naar het spreken van God. Dat is het duidelijkst tot ons gekomen in Jezus Christus. Aanvaarding van hem als onze redder zal maken dat de Geest ons vernieuwt naar het beeld van Christus en dat de Vader ons adopteert als kind. De strijdt die de Heilige Geest voert tegen onze verkeerde natuur is echt een heilige oorlog. Wij mogen mee vechten, maar zonder Hem bereiken wij niets.

Christenen moeten dus niet vechten voor materiŽle welvaart, niet voor uitbreiding van grondgebied, niet voor het verwerven van aardolieconcessies, etc. etc. In de wereldgeschiedenis zijn helaas vele voorbeelden te vinden van onheilige oorlog bedreven door christenen. Zij hebben zich daarin vaak niet gedragen naar het beeld van Christus en zich niet positief onderscheiden van b.v. moslims. Hieruit blijkt ook ten volle dat het belijden van Christus niet automatisch betekent dat men wordt geleid door de Geest. Paulus zegt: wat ik verlang te doen, het goede, laat ik na; wat ik wil vermijden, het kwade, dat doe ik (Romeinen 7 : 19) Laten wij gewaarschuwd zijn en trachten uit kracht van de opstanding van Christus te leven en ons daarbij laten troosten door diezelfde Paulus in het zelfde hoofdstuk.

Er moet gevochten worden tegen alles wat zich tegen Christus verzet. Alle valse godsdienst, alle menselijke filosofie die ons van Hem wegvoert. De motivatie voor die strijd is de liefde van God in Christus. God wil niet dat mensen verloren gaan (Ezechiel 18 : 23, 1 Tim. 2 : 4). Het is daarom zijn wil dat christenen alle mogelijke moeite doen zich te laten benutten als boodschappers van zijn liefde. Ook het gebed is een krachtig middel om heil af te smeken voor onze naasten (Jakobus 5 : 16).

Het gevecht van een christen hoort er dus op te zijn gericht dat anderen de bron van het leven terugvinden.
De strijdmiddelen zijn door Paulus genoemd in Efeze 6, terwijl hij ons in 2 Tim. 4 duidelijk maakt dat dit vechten geen hobby is, maar nauw verbonden met onze vernieuwde status als kind van God. Ook Christus zelf heeft gezegd dat wie hem verloochent voor de mensen, door hem ook verloochend zal worden bij de Vader in de hemel (Matteus 10 : 33)

Het gaat in ieder geval niet om een strijd met menselijke wapens en ook niet om een strijd die beoogt anderen aan ons te onderwerpen. De strijd moet worden gevoerd met geestelijke wapens en is uitsluitend daarop gericht dat de ander door Christus wordt bevrijd van het juk van zonde en dood. Het onnodig en onbevoegd doden van niet christenen zoals moslims, ontneemt hen de kans om te worden verlost door Christus en is dus een dubbele moord: lichamelijk en geestelijk. Christus verdroeg alle zondaars en bad zelfs voor hen die Hem kruisigden. Zijn liefde gaat tot het allerlaatst van de wereldgeschiedenis uit naar alle mensen; zijn toorn zal alleen treffen wie blijft weigeren te luisteren naar zijn Vader, de Schepper. Het spreekt dus vanzelf dat ook wij tot het laatst toe liefde moeten koesteren voor alle mensen en blijven getuigen van de weg ten leven.

De Bijbel leert ons echter ook dat de overheid het zwaard niet vergeefs draagt. Zij kan ons dus eventueel oproepen tot een gewapende strijd. Deze dient dan wel gericht te zijn op het bestrijden van onrecht, het beschermen van weerlozen tegen geweld, niet op politieke belangen. Naarmate de overheid zich bewust sterk seculier gaat opstellen is het voor christenen des te belangrijker te toetsen of de oproep tot gewapende strijd wel legitiem is. Vredestroepen zijn bijvoorbeeld duidelijk iets heel anders dan alles vernietigende bombardementen. Oproep tot verdediging is toegestaan, oproep tot aanval (Irak) is in strijd met het evangelie.